Denk aan de mensen!

‘Onlangs heeft u toegestemd om uw contributie vrijwillig te verhogen.’ Zo begint een brief die ik vorige week ontving. Ik las deze openingszin en dacht: meh. Dat is eigenlijk een rare reactie, want die zin herinnerde me eraan dat ik iets aardigs had gedaan. Dat zou me toch een goed gevoel moeten geven? Aan de inhoud lag het niet, want die klopte helemaal. Alleen was de schrijver waarschijnlijk even vergeten om aan de mensen te denken.

Denk aan de mensen! Dat is sinds kort mijn strijdkreet bij het schrijven. Ik bedacht hem na het lezen van het boek On Writing Well van William Zinsser (een boek dat ik overigens iedere non-fictieschrijver van harte kan aanbevelen). In dit boek drukt Zinsser schrijvers op het hart om te schrijven als een mens, voor mensen en liefst over mensen. Zo maak je je tekst levendig, aantrekkelijk en begrijpelijk. En dat helpt je om de boodschap van de tekst aan de lezer over te brengen. Dus vandaar: denk aan de mensen!

Hoe doe je dat, aan de mensen denken?

Goed, deze strijdkreet is voor mij een handig geheugensteuntje bij het schrijven. Maar op welke manieren denk ik dan aan de mensen? Ik stel mezelf tijdens het schrijven en teruglezen regelmatig de volgende vragen:

  • Gebruik ik het begin van mijn tekst om een band op te bouwen met de lezer? Trek ik de aandacht van de lezer, bijvoorbeeld met een passende anekdote? Maak ik de lezer nieuwsgierig naar de rest van de tekst? Neem ik eventuele weerstand bij de lezer weg door kritische vragen voor te zijn?
  • Ga ik de interactie aan met de lezer? Spreek ik de lezer rechtstreeks toe? Maak ik mijzelf of mijn opdrachtgever zichtbaar als mens, bijvoorbeeld door vanuit het ik-perspectief of wij-perspectief te schrijven? Stel ik zo nu en dan een vraag om de lezer tot verder nadenken aan te zetten? Eindig ik de tekst met een oproep aan de lezer, als dat een doel van de tekst is?
  • Bouw ik mijn tekst op een begrijpelijke manier op? Kondig ik in het begin van de tekst aan waar de rest van de tekst over gaat? Is elke zin een logisch vervolg op de vorige zin? Geef ik de lezer alleen informatie die voor hem of haar relevant is?
  • Geef ik de informatie op een mensvriendelijke manier? Gebruik ik een menselijke invalshoek om de boodschap over te brengen, bijvoorbeeld door een betrokkene aan het woord te laten? Geef ik voorbeelden die de informatie verduidelijken? Gebruik ik concrete begrippen, begrippen die de zintuigen van de lezer aanspreken?
  • Is mijn schrijfstijl mensvriendelijk? Wissel ik af tussen kort en iets minder korte zinnen? Gebruik ik geen onnodig moeilijke woorden? Schrijf ik voornamelijk in de actieve vorm? Vermijd ik de naamwoordstijl?

Of, in een wat vereenvoudigde vorm: zou ik het ook op deze manier tegen de lezer zeggen als dit een gesprek was in plaats van een tekst?

Voorbeeld: een nieuw begin

Terug naar de zin waarmee ik deze blog begon: ‘Onlangs heeft u toegestemd om uw contributie vrijwillig te verhogen.’ Een zakelijk en afstandelijk begin voor een bedankbrief. Met een paar aanpassingen klinkt het al beter: ‘Ik wil u hartelijk bedanken dat wij uw contributie mochten verhogen.’ Nu duikt de schrijver van de brief op en hij spreekt de lezer rechtstreeks toe. De afstand is een stuk kleiner geworden. Het formeel klinkende ‘onlangs’ is verdwenen. En met het dankwoord zorgt de schrijver direct voor een positieve toon.

Leven in de brouwerij

Heb je zelf een tekst geschreven waarvan je denkt: hier mist nog iets? Een tekst die inhoudelijk wel klopt, maar niet aantrekkelijk is om te lezen? Denk dan ook eens aan de mensen. Want die brengen leven in de brouwerij.

Foto: Gerd Altmann via Pixabay

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s